Viewing posts categorised under: AFM

FTM: ‘De schimmige praktijk van derivatenverkoop’

AFM, Media, Rentederivaten, Renteswaps

In het onderzoek naar de manier waarop rentederivaten aan het mkb zijn verkocht, komt steeds meer naar boven. Zo blijkt nu dat aan ondernemers destijds werd voorgehouden dat de rente wel eens flink kon gaan stijgen, terwijl de rentevisie van de bank was dat die juist zou gaan dalen. In mijn praktijk hoor ik vaak van klanten dat er een angst voor een rentestijging werd ‘aangepraat’ en dat het afdekken daarvan urgent was.

Follow the Money schreef een uitgebreid artikel hierover en kwam tot de conclusie dat deze verkoopmethode van renteswaps bij alle banken op soortgelijke wijze ging. Voormalige bankmedewerkers bevestigen deze verkoopmethode.

Lees het artikel via deze link: ‘De schimmige praktijk van derivatenverkoop aan het mkb’

Uitstel verjaring belooft weinig goeds

AFM, Rentederivaten, Renteswaps

Afgelopen week kwamen de drie onafhankelijke deskundigen, die door minister Dijsselbloem zijn aangesteld om een herstelkader te ontwerpen, met een eerste persbericht. Daarin kondigen zij hun eerste wapenfeit aan: het uitstel van de verjaringstermijn voor derivatenklachten.

Rust

De verjaringstermijn is een belangrijk fenomeen bij rentederivaten-problemen. Veel renteswaps zijn namelijk in 2007-2008 afgesloten en als niet op tijd door klanten wordt geklaagd, dan kunnen banken een beroep doen op verjaring. En kan de klacht van de klant rechtstreeks naar de prullenbak. We hebben met het KCR daarom twee jaar geleden al bij banken, toezichthouder en politiek gepleit voor een moratorium. Op die manier kan namelijk rust worden gecreëerd om te komen tot goede oplossingen, zonder dat klanten zich onder druk gezet voelen. Dat is namelijk nog steeds een veelgehoord probleem.

Nu hebben de onafhankelijke deskundigen (de derivatencommissie) de banken bereid gevonden om de verjaringstermijn van zaken die tussen 1 maart 2016 en 30 september 2016 zouden verjaren, te verlengen. Dat lijkt in eerste instantie een genereus gebaar. Maar het tegendeel is waar.

2014

De reikwijdte van deze verlenging is namelijk wel heel erg beperkt. Immers, klanten die hebben vertrouwd op een correcte herbeoordeling en bijbehorende compensatie, zoals reeds in 2014 afgedwongen door de AFM, kunnen op deze manier bedrogen uitkomen. Als hun zaak, volgens de bank, tussen 2014 en 29 februari 2016 zou verjaren, schieten zij niets op met deze verlenging. Deze ondernemers, die hebben vertrouwd in een goede gang van zaken, namelijk een bank die de criteria van herbeoordelingen correct naleeft en een toezichthouder die daar kordaat op toeziet, kunnen nu alsnog verjaring voor de voeten krijgen geworpen. Terwijl het juist de banken zijn die volgens AFM sinds 2014 herhaaldelijk onvoldoende invulling hebben gegeven aan het uitvoeren van herbeoordelingen.

De derivatencommissie kan moeilijk eisen van de banken dat die verlenging ook betrekking zou moeten hebben op de periode van vóór 1 maart 2016, omdat de derivatencommissie pas sinds 1 maart door de minister is geïnstalleerd. Daar is dus weinig over te zeggen. Maar het was in ieder geval een eerste positief gebaar geweest van de banken als ze zélf hadden besloten om ook voor die eerdere periode (in ieder geval sinds 2014) de verjaring uit te stellen. Er is niets of niemand die de banken daarin tegenhoudt, anders dan het eigenbelang van de banken.

Vertrouwen

Meer principieel wil ik stellen dat het goed zou zijn als banken zich überhaupt niet beroepen op verjaring. Het is inmiddels duidelijk geworden dat de opstelling van banken in dit dossier, zowel destijds bij de advisering als nu bij de herbeoordelingen, onjuist en onvolledig is geweest. Daar past een houding bij die gebaseerd is op een bepaalde mate van coulance. De minimalistische insteek van banken bij dit uitstel van verjaring wekt daarom (opnieuw) weinig vertrouwen in een goede verdere afwikkeling, althans in een oprechte houding van banken om de problemen van MKB’ers, semi-publieke instellingen en particulieren op te lossen. En juist dat vertrouwen moet de basis zijn voor het herstelkader, dat de derivatencommissie in juni gaat presenteren. Want de banken hebben nog steeds niet blind gecommitteerd aan het uitvoeren van het herstelkader van de derivatencommissie, ongeacht de inhoud van het herstelkader. De kans dat er straks een goed herstelkader wordt gepresenteerd door de derivatencommissie dat vervolgens door de banken niet (geheel) wordt geaccepteerd, is nadrukkelijk aanwezig. En gezien de opstelling van de banken bij het uitstel voor verjaring, belooft dat weinig goeds.

Persbericht KCR: “Goede start, maar te traag en onduidelijk”

AFM, Media, Rentederivaten, Renteswaps

KCRNaar aanleiding van het persbericht vanochtend van AFM, over het herstelkader voor banken bij de compensatie van rentederivaten, heeft het Kenniscentrum Rentederivaten bijgaand persbericht als reactie gepubliceerd. Dit dient tevens als input voor het Tweede Kamerdebat dat hierover op donderdag 3 maart zal worden gehouden.

KCR_persbericht_1maart2016

UK: € 2,8 miljard compensatie uitgekeerd

AFM, Rentederivaten, Renteswaps

FCADe toezichthouder in de UK, de FCA, heeft weer een update gepubliceerd van de stand van zaken bij de herbeoordelingen. Inmiddels is er door de banken € 2,8 miljard aan compensatie uitgekeerd aan ondernemers met een renteswap. Dat is gemiddelde schadevergoeding van € 207.000 per ondernemer.

€ 3,1 miljard

In totaal zijn 18.100 dossiers herbeoordeeld. Dat is fractioneel meer dan het aantal rentederivatendossiers in Nederland, althans volgens de opgave die de banken aan AFM hebben gedaan. Die hebben inmiddels allemaal een voorstel ontvangen van hun bank, maar dat is nog niet door iedereen geaccepteerd. Nog zo’n 1.100 dossiers moeten worden afgehandeld. Indien wordt aangenomen dat de gemiddelde compensatie voor die renteswaps net zo hoog zal zijn als het huidige gemiddelde, dan kan de totale compensatie door banken oplopen tot bijna € 3,1 miljard.

Gevolgschade

Een belangrijk aspect in het ‘redress scheme’ is dat over de compensatie bovendien een rente van 8% moet worden vergoed door de banken. Die rente is op een relatief hoog niveau vastgesteld, om daarmee ook tegemoet te komen aan de gevolgschade die veel ondernemers hebben ondervonden. Zouden zij immers deze schade ten gevolge van de renteswap niet hebben gehad, dan hadden zij dat geld op een andere manier kunnen inzetten. In Nederland is dit nog absoluut geen gebruik. Het zou goed zijn als de AFM met haar nieuwe richtlijnen voor compensatie van renteswaps deze maatregel zou overnemen.

In het geval dat een ondernemer aantoonbaar een hogere gevolgschade heeft dan die 8% vergoeding, dan kan hij daarvoor een claim indienen. Vanzelfsprekend moet die claim goed onderbouwd worden door de renteswap-bezitter. In totaal is er voor dit soort aanvullende claims, dus bovenop die 8% vergoeding, inmiddels ruim € 47 miljoen aan compensatie uitbetaald aan ondernemers.

‘Structured Collars’

De compensatie in de UK gaat veel verder dan wat Nederlandse banken tot nog toe hebben gedaan. Zo wordt bijvoorbeeld een ‘Structured Collar’ voor een bepaalde groep klanten als een té ingewikkeld product beschouwd; alle betalingen voor dat product moeten worden teruggedraaid, inclusief 8% rentevergoeding. Deze ‘Structured Collars’ zijn in Nederland ook op grote schaal verkocht, onder exotische namen als (Semi) Super Collar, Participating Cap, Zero Cost Knock In Collar of Winstdelend Renteplafond. Nederlandse banken beschouwen dit nog altijd als geschikte producten, ook voor kleine ondernemers en particuliere vastgoedbezitters.

Looptijd renteswap

Een ander voorbeeld is een situatie waarin de bank de mogelijkheid en impact van de negatieve waarde van een rentederivaat onvoldoende heeft uitgelegd aan de klant. Dat kan aanleiding zijn om een renteswap met een looptijd van 10 jaar te vervangen door een renteswap met een looptijd van 5 jaar, met als achterliggende redenering dat de klant nooit zou hebben gekozen voor een product met zo’n lange looptijd als hij juist en volledig geïnformeerd was over de mogelijke negatieve waarde. Het verschil tussen die twee scenario’s moet dan worden vergoed door de bank. Dat gaat al snel om grote bedragen.

In de UK zijn ze dus niet alleen veel verder in het proces van compensatie, maar wordt vooral ook heel concreet ingegrepen met duidelijke richtlijnen voor compensatie. Dat is een enorm verschil met de situatie die we nu in Nederland kennen. Hopelijk wordt dat gat snel kleiner als AFM binnenkort met haar plannen naar buiten komt.

Look right!

AFM, Rentederivaten, Renteswaps

In een eerder bericht schreven we al dat de UK zo’n 12 tot 24 maanden voorloopt, als het om de aanpak van de derivatenproblematiek gaat. Dat blijkt ook weer uit een rapport dat vorige week is verschenen.

Voorwaarde voor financiering

In de UK hebben de banken de rentederivatendossiers moeten herbeoordelen op basis van regels van de toezichthouder, de FCA. Over die regels is veel discussie geweest, want die zijn lange tijd niet openbaar geweest. Een belangrijk uitgangspunt was, dat er sprake moet zijn van een ‘legitimate condition of lending agreement’. Dat is namelijk relevant, omdat in veel financieringsovereenkomsten door de bank is opgenomen dat het renterisico moet worden afgedekt met rentederivaten. Die voorwaarde was lang niet altijd duidelijk, bijvoorbeeld omdat daaruit niet duidelijk werd voor welke hoofdsom en looptijd het renterisico moest worden afgedekt. Maar, en dat is het meest cruciale, het is ook niet altijd duidelijk of er wel een inhoudelijke reden was voor de bank om die voorwaarde in de financieringsovereenkomst op te nemen. Heeft de bank vastgesteld hoe groot het renterisico is en vormt dat daadwerkelijk een kredietrisico bij de verstrekking van de lening? De indruk bestaat namelijk dat deze voorwaarde nogal eens is opgenomen om ‘cross selling’ te bewerkstelligen en op die manier extra marge te kunnen maken op de klant.

Vijf voor twaalf

Bovendien moet in de herbeoordeling worden vastgesteld of die voorwaarde ook wel op tijd is gemeld aan de klant. Daarbij kiest de toezichthouder als uitgangspunt dat de klant al op tijd hierover moet worden geïnformeerd, en niet pas op het moment dat een ondernemer bijvoorbeeld al de aankoop van vastgoed heeft toegezegd op basis van een eerste financieringsofferte, waarin die voorwaarde nog niet is opgenomen. In gevallen waarbij de voorwaarde voor het afdekken met derivaten onterecht is opgenomen door de bank en waarbij de klant geen expliciete wens had om rentederivaten te gebruiken, moet volgens de regels sprake zijn van een ‘full tear up’: volledige compensatie.

Sales Standards

In het rapport worden ook de ‘sales standards’ genoemd, die door de banken en de toezichthouder zijn vastgesteld. Die staan genoemd in bijlage II, maar hadden misschien beter op de voorpagina van het rapport kunnen staan. Als de bank niet voldoet aan één of meer van die standaarden, dan is er sprake geweest van misleidende verkoop en moet de klant worden gecompenseerd. Dat zijn acht hele concrete handvaten, die ook nuttig kunnen zijn voor AFM om een concreet compensatiekader op te stellen. Speciale aandacht verdient sales standard 3; in de Nederlandse situatie wordt daaraan volstrekt geen aandacht besteed.

Overeenkomsten

In Nederland zijn dezelfde punten actueel en relevant. In veruit de meeste situaties die ondernemingen mij voorleggen, is niet duidelijk waarom het afdekken van het renterisico als voorwaarde wordt gesteld, laat staan voor welke looptijd en hoofdsom. Ook komt het nogal eens voor dat de voorwaarde relatief laat werd opgenomen in de financieringsovereenkomst, waardoor de ondernemer feitelijk al niet meer anders kon. Of dat binnen enkele dagen (of zelfs uren!) nadat de bank de eerste ‘voorlichting’ over renteswaps aan de klant had gedaan, er al een transactie werd gedaan. Aan dit soort aspecten is door de Nederlandse toezichthouder AFM tot nog toe geen aandacht besteed.

Zo blijkt maar weer dat het goed is om regelmatig eens de andere kant op te kijken. Dat helpt om ongelukken te voorkomen.

Lees hier het volledige rapport van Warwick Risk Management: Swap mis-selling and illegitimate lending conditions

ABN vergoedt verhoging rente-opslagen

AFM, Media, Rentederivaten, Renteswaps

Na jarenlange discussies heeft ABN Amro uiteindelijk -als eerste bank- besloten om de opslagverhogingen te vergoeden. Deze opslagverhogingen zijn doorgevoerd op financieringen waarbij het renterisico werd afgedekt met rentederivaten. Zo werd een renteswap vaak geadviseerd door de bank om daarmee de rentelasten voor de onderneming vast te leggen, als bij een lening met een vaste rente. Bij een opslagverhoging op de rente van de financiering, bijvoorbeeld door een markt- of liquiditeitstoeslag, werden die rentelasten alsnog hoger.

Het is de vraag wat de andere banken nu gaan doen met deze rente-opslagen. Zullen zij de opslagverhogingen ook gaan terugdraaien en compenseren aan hun klanten? Daarbij is er trouwens nog wel een belangrijk aandachtspunt. In de praktijk blijkt dat de bank de rente-opslag weliswaar vergoedt, maar niet altijd over de gehele hoofdsom. Het is dus goed om die berekening bij de bank op te vragen en te (laten) analyseren op juistheid. Cadension kan dat soort berekeningen voor u maken, zodat u zeker weet dat u de vergoeding voor de opslagverhoging krijgt waar u recht op heeft.

Follow the Money schreef een artikel hierover, waarin Cadension commentaar geeft op de beleidswijziging van ABN Amro: “ABN als eerste door de knieën om derivaten: mkb opslagverhogingen worden terugbetaald”

 

 

Déjà vu

AFM, Rentederivaten, Renteswaps

Over een paar weken zal toezichthouder AFM mededelen hoe vervolg zal worden gegeven aan de dramatische conclusie die op 4 december naar buiten kwam. Toen constateerde AFM zélf dat de herbeoordelingen door de banken onvolledig en onjuist waren. En dat zij als toezichthouder onvoldoende streng dat proces van de banken had gemonitord, om deze blamage te voorkomen.

Het feit dat AFM (eindelijk) zo stevig ingrijpt, is lovenswaardig. Toch is het allesbehalve verrassend. Zoals bij zoveel discussies rondom de problematiek met rentederivaten in het MKB, kun je de meeste ontwikkelingen al ruim van te voren voorspellen. Ook degene die geen glazen bol heeft. Kijk simpelweg naar wat er in de UK gebeurt en tel er 12 tot 24 maanden bij op.

Talloze overeenkomsten

Ook in de UK zijn afspraken gemaakt tussen banken en toezichthouder: banken moeten zelf de rentederivaten dossiers herbeoordelen en hun klanten oplossingen aanbieden. Ook in de UK waren er al snel veel klachten over de inhoudelijk gebrekkige manier van herbeoordelen door de banken. Ook in de UK werden bij de herbeoordelingen de ‘big four’ accountancy firms ingeschakeld door de banken. Ook in de UK bleken dossiers incompleet. Ook in de UK werden grote groepen (potentieel) gedupeerden buitengesloten door slimme definitiekwesties. De toezichthouder zou daarbij zijn gezwicht voor de druk van de banken. En ook in de UK werd gezegd dat de banken wel een heel opmerkelijke rol in het herbeoordelingsproces hebben; ze zijn ‘judge, jury and executioner’.

Ingrijpen

En inderdaad, ook in de UK is uiteindelijk ingegrepen in het herbeoordelingsproces van de banken. Ook daar al zag de toezichthouder dat de herbeoordelingen door de banken van onvoldoende kwaliteit waren. Die conclusie trok AFM in februari 2015 vervolgens ook. Dus ging een nieuwe ronde van herbeoordelen in. Om vervolgens, net als hier, toen de herbeoordelingen bijna ten einde liepen naar buiten kwam dat de banken de herbeoordelingen weer niet goed hadden uitgevoerd. Zo bleek het dossier dat de bank aan de ‘reviewer’ (de accountant) gaf, lang niet altijd alle relevante informatie te bevatten, terwijl die wel bij de bank aanwezig was. In de UK kwam het ingrijpen vanuit de Treasury Select Committee (vergelijkbaar met de Vaste kamercomissie voor Financiën). Daardoor liggen de herbeoordelingen mogelijk weer helemaal open, ook wanneer al schikkingen zijn getroffen. Zo blijkt het einde van het herbeoordelingsproces door de banken slechts de aanleiding voor het begin van een gedegen en eerlijke herbeoordeling.

Het is niet zozeer dit ingrijpen zélf dat interessant is. Vooral het feit dat zowel de wijze van verkopen van deze producten door de banken en de manier waarop banken deze problematiek herhaaldelijk ‘oplossen’ in Nederland en de UK zoveel op elkaar lijken, is relevant. Toezichthouders hebben blijkbaar onvoldoende grip op de banken en banken lijken tegelijkertijd de natuurlijke neiging te hebben om met een onvoldoende tóch proberen succesvol door de test te komen.

Leergeld

Er is één groot verschil: AFM heeft kunnen zien wat en waarom het mis ging in de UK en heeft inmiddels zelf ook ruime ervaring opgedaan, terwijl de FCA op onontgonnen terrein opereerde. Het is hoog tijd dat AFM nu laat zien dat zij van eigen en andermans fouten geleerd heeft. Zodat ook voor gedupeerde MKB’ers en particulieren snel een gelukkig nieuw jaar kan beginnen.

 

KCR presenteert ‘Deltaplan Derivaten’ aan AFM

AFM, Rentederivaten, Renteswaps

KCRHet Kenniscentrum Rentederivaten heeft naar aanleiding van het nieuws van 4 december, over het feit dat AFM en de minister van Financiën hebben geconstateerd dat de herbeoordelingen door de banken ‘onvolledig en onjuist’ zijn, een concept plan opgesteld om tot een concrete en kordate aanpak van het probleem te komen: Deltaplan Derivaten. Aangezien de (potentiële) gedupeerde ondernemers al vele jaren in afwachting zijn van een fatsoenlijke oplossing, hebben zij inmiddels recht op die snelle aanpak. Dat geldt in het bijzonder van de groep van relatief kleine ondernemers. Omdat banken geen goed ‘track record’ hebben opgebouwd met de herbeoordelingen, moet er naar onze overtuiging een dwingende aanpak worden opgelegd aan de banken. Op die manier krijgen klanten van verschillende banken een gelijke behandeling.

Omdat AFM de indruk gaf dat een snelle afhandeling geen garantie is, heeft het KCR tijdens de bespreking van het Deltaplan Derivaten twee concrete extra maatregelen voorgesteld, die tenminste op de zeer korte termijn kúnnen en moeten worden uitgevoerd:

  1. terugdraaien van de opslagverhogingen (vergoeding over verleden en aanpassing voor de toekomst;
  2. banken laten verklaren dat klacht- en verjaringstermijnen niet zullen worden gehanteerd bij rentederivaten-zaken.

Deze maatregelen zijn door banken relatief eenvoudig uit te voeren en hebben direct een positieve impact op de gedupeerde ondernemers. Zij ontvangen een vergoeding (‘cash in’) en hebben duidelijkheid over hun toekomstige rentelasten, zoals dat destijds bij de advisering veelal is voorgespiegeld door de bank. De opslagverhogingen maken vrijwel standaard deel uit van de klachten die ondernemers over rentederivaten hebben. Overige aspecten van klachten, die bijvoorbeeld betrekking hebben op de kwaliteit van de advisering destijds, kunnen dan in een fase direct daarna worden opgelost.

Het Deltaplan Derivaten is de basis voor een verdere concretisering naar een plan van aanpak. Het geeft een duidelijke oplossingsrichting aan en benoemt de belangrijkste aandachtspunten.

Lees hier het concept Deltaplan Derivaten: Deltaplan Derivaten_dec2015_v0.1.docx

FTM: ‘De AFM is van het padje af’

AFM, Media, Rentederivaten, Renteswaps

In dit artikel van Follow the Money wordt nog eens duidelijk op een rij gezet hoe de hele problematiek rondom rentederivaten in het MKB is behandeld door de AFM. Daarbij komt de rol van het Kenniscentrum Rentederivaten (KCR), mede opgericht door Patrick van Gerwen, uitgebreid aan bod.

Lees hier het artikel: De AFM is van het padje af

Renteswap is géén verzekering

AFM, Rentederivaten, Renteswaps

Renteswaps worden vaak aangeduid als een verzekering tegen een rentestijging. Een renteswap is echter géén verzekering. Dat is méér dan een kwestie van woordkeuze, want het is een essentieel verschil.

Verzekering

Bij een verzekering betaal je een premie voor het afkopen van een risico, dat je niet kunt/wil dragen.Denk aan een brandverzekering. Tegen betaling van een verzekeringspremie draag je je risico over aan een ander (de verzekeraar). En als je het risico voor een deel wél zelf kunt dragen, neem je een eigen risico. Die verzekering geeft je vervolgens het recht op een uitbetaling, wanneer er schade is. That’s it.

Renteswap

Bij een renteswap is dat niet het geval. Daarbij heeft de klant niet alleen een recht (namelijk, recht op een vergoeding van ‘schade’ bij een rentestijging) maar ook een plicht (namelijk het ‘betalen van schade’ bij een rentedaling). Die zogenaamde ‘verzekering’ werkt dus twee kanten op. Vertaald naar een brandverzekering: als het kantoor van je verzekeraar brandschade heeft, moet jij die schade vergoeden. Ofwel: je hebt één kant van het risico niet overgedragen.

Cap

Het lijkt misschien een wat semantische discussie, maar dit is een cruciaal punt. Het zorgt namelijk structureel voor veel misverstanden. Renteswaps zijn vaak aan ondernemers verkocht als een ‘verzekering’. Het is dan ook niet opmerkelijk dat veel ondernemers verrast waren dat zij zelf moesten betalen aan de bank toen de rente juist ging dalen. Wanneer (volgens de ondernemer of volgens de adviseur van de bank) het risico op een stijging van de rente moest worden verzekerd, dan was in die terminologie slechts één product geschikt: een Cap. Bij dat product betaalt de klant een premie, waarmee hij het recht heeft op vergoeding wanneer de rente hoger is dan het afgesproken renteplafond.